Uien niet te snel koelen

De afgelopen weken (november 2015) was het erg warm. Daardoor was het in een groot aantal bewaarplaatsen lastig om de uien droog te houden (r.v. van 75-80%). De oorzaak was bijna altijd een te lage bewaartemperatuur ten opzichte van de buitentemperatuur. De momenten om met droge lucht te ventileren zijn dan minimaal. Bij partijen uien die de afgelopen periode op ± 15 °C zijn bewaard, was drogen wél mogelijk.

Lagere buitentemperatuur
Nu de buitentemperatuur daalt, ontstaan er weer mogelijkheden om de uien verder te drogen. Let op dat de temperatuur van de uien niet te ver daalt. Want anders ontstaan er weer vochtproblemen bij een periode met wat warmer weer.

Uien niet te scherp
Zorg ervoor dat de uien boven de gemiddelde etmaaltemperatuur blijven. Dan zijn er altijd ventilatie mogelijkheden. Let er bij het inkoelen op dat de uien niet te scherp worden en er daardoor kale uien ontstaan. Dit is te voorkomen door de streefwaarde r.v. (= minimale waarde) in te stellen op 65-70% en door tijdig te stoppen met extern ventileren. In een aantal gevallen is het verstandige om na het inkoelen de klimaatcomputer weer op drogen in te stellen zodat voldoende ‘droog uren’ gemaakt worden. Drogen is nog altijd belangrijker dan koelen.

Bron: Tolsma